BPM-bezwaar te laat of niet-ontvankelijk: wat betekent dat en wat kunt u nog doen

Laatst bijgewerkt 19 augustus 2026 • BPMBezwaartje, gratis en onafhankelijk

Kort gezegd: de bezwaartermijn is zes weken en te laat is in beginsel niet-ontvankelijk: uw argumenten worden dan niet meer gewogen, hoe sterk ze ook zijn. Denkt u dat u te laat bent, verstuur uw bezwaar dan toch en meteen, met een korte uitleg waarom u later bent. Bij een verschoonbare reden blijft niet-ontvankelijkverklaring achterwege (artikel 6:11 Awb).

Vanaf welke dag lopen de zes weken?

Dit is de vraag waar het in de praktijk misgaat, want er zijn twee startmomenten:

Uw situatieDe termijn begint
U kreeg een naheffingsaanslagDe dag na de dagtekening van het aanslagbiljet (artikel 6:7 Awb en artikel 22j AWR).
U maakt bezwaar tegen wat u zelf op aangifte hebt voldaanDe dag na de voldoening, dus de dag na uw betaling.

Bij de tweede situatie telt alleen uw betaaldag. Niet de datum van de brief, niet de datum van de aangifte en niet de datum waarop het kenteken op uw naam kwam. Een dag te laat met uw bezwaar en de zaak is klaar, hoe sterk die ook is. (artikel 22j AWR; HR 2026:914)

Wat betekent niet-ontvankelijk?

Niet-ontvankelijk betekent dat de inspecteur uw bezwaar niet inhoudelijk behandelt omdat het niet aan een formele eis voldoet. De meest voorkomende reden is een te late indiening. Uw inhoudelijke gronden, hoe goed ook, komen dan niet aan bod. Dat is precies waarom de termijn belangrijker is dan het dossier: een sterk verhaal dat een dag te laat komt, verliest van een zwak verhaal dat op tijd is.

Wanneer is te laat toch verschoonbaar?

Artikel 6:11 Awb bepaalt dat niet-ontvankelijkverklaring achterwege blijft als de indiener redelijkerwijs niet in verzuim is geweest. Het gaat dan om omstandigheden buiten uw invloed, en u moet die kunnen onderbouwen. Denk aan een aanslag die aantoonbaar niet op uw adres is aangekomen. Of uw situatie daaronder valt beoordeelt de inspecteur, en in laatste instantie de rechter; reken er niet op voordat het zover is.

Wat u in dat geval doet:

BPMBezwaartje merkt zelf dat de termijn krap of verstreken is en zet die uitleg met de juiste verwijzing in uw brief.

Te vroeg kan ook misgaan

Bij de dwangroute, waarbij u eerst moet betalen om uw kenteken te krijgen, ligt de volgorde vast: betalen is stap 1, bezwaar is stap 2. Een bezwaar dat is ingediend op of na het moment van de aangifte of de betaalopdracht blijft op grond van artikel 6:10 Awb in stand. Blijft de betaling daarna uit binnen de wettelijke betaaltermijn, dan is het bezwaar zonder voorwerp en niet-ontvankelijk (HR 12 juni 2026, ECLI:NL:HR:2026:914). De inspecteur hoeft daar niet op te wachten.

Doet u aangifte als vergunninghouder per tijdvak, dan moet het geld binnen een maand na afloop van dat tijdvak binnen zijn. Te laat betaald maakt bezwaar en beroep allebei definitief kansloos; alsnog betalen repareert dat niet. (artikel 8 Wet BPM; artikel 19 AWR; HR 2026:914)

Zorg dat u kunt bewijzen dat u op tijd was

Verstuurt u per post, dan is uw bezwaar op tijd als het voor het einde van de zes weken ter post is bezorgd en het niet later dan een week na afloop van de termijn is ontvangen (artikel 6:9, tweede lid, Awb). Verstuur daarom bij voorkeur aangetekend: dan heeft u een verzendbewijs met datum. Bewaar dat bewijs bij uw stukken, ook als u er waarschijnlijk niets mee hoeft.

Maak nu gratis uw bezwaarschrift →

Lees ook